Tagarchief: test

Zekerheid

rob rondWat was het warm vorige week. Wat dronk ik veel. En die drank moet er natuurlijk ook weer uit.
„Jij moet je PSA eens laten meten”, zei een vriend na mijn zoveelste toiletbezoek.
Mijn wat?
„Doe het nou maar. Dankzij een bloedtest leeft mijn vader nog. Hij had prostaatkanker.”

Neus en oren blijven een leven lang groeien. Verfraaiing levert dat niet op. Je gaat er ook niet beter van ruiken en horen. En zo is er ook een klier die almaar doorgroeit: de prostaat. Dat ding tref je uitsluitend bij de man aan, al meldt Wikipedia iets soorgelijks bij de vrouw: de G-spot. Tsja, voor je het weet, ontaardt deze column in een verhandeling over genot. Kunnen we niet hebben.

Terug naar de prostaat. Die bevindt zich onder de blaas en is zo groot als een kastanje. Niet al te ver van de eikel dus. Naarmate die kastanje groeit, kan hij de pisbuis gaan dichtknijpen. Toiletbezoek wordt dan een bezoeking. Eeuwige groei is zelden goed, een besef dat nog niet is doorgedrongen tot economen en politici.

Op naar de bloedprikpost. En wachten op de uitslag.

Frank Zappa schiet door mijn hoofd, Amerikaans componist, gitarist, zanger en muziekvernieuwer. Hij was 52 jaar toen hij stierf aan de gevolgen van prostaatkanker. Aan de wat? Moderne journalistiek: je gaat niet meer aan een ziekte dood, maar aan de gevolgen. Jan stierf aan de gevolgen van een hartstilstand. Gelukkig maar dat hij niet stierf aan een hartstilstand.

Naar schatting lijden in Nederland tegen de 70.000 mannen aan prostaatkanker. Jaarlijks gaan ongeveer 2.500 van hen eraan dood. Geruststellend wel, die cijfers, want het overgrote deel leeft er dus gewoon mee door, meestal zonder het te weten. De grote vraag is: welk lot trek jij?

„Elke man die lang genoeg leeft”, zegt mijn huisarts, „krijgt prostaatkanker. De meesten gaan ermee en niet eraan dood.”

Het prostaatspecifiek antigeen, kortweg PSA, is een proteïne die uitsluitend door prostaatcellen wordt geproduceerd. De waarde wordt uitgedrukt in nanogram per milliliter. Een hoge waarde kan op kanker duiden. Kan. Want hoge waarden komen voor zonder kanker. En kanker komt voor zonder hoge waarde. Het stikt in de natuur van valse positieven en negatieven. Als 65-jarige zit ik waarschijnlijk goed bij een waarde lager dan 4,5.

Mijn huisarts tuurt in zijn scherm, de moderne variant van de glazen bol. „Eens even kijken, uw waarde is, nee maar, niet te geloven: 0,25. U heeft de gezondheid van een 18-jarige.

Zingend ga ik huiswaarts. Om aldaar voor de zekerheid – al bestaat er voor sterfelijke wezens in de natuur maar één zekerheid – ook nog even in mijn eigen glazen bol te kijken. En wat lees ik? ‘Als de waarde kleiner is dan 0,25 dan neemt de waarschijnlijkheid van prostaatkanker toe.’

Pfff… Dat is langs het randje van de afgrond.

_________________________________

Reageren kan hier.